zaterdag 20 augustus 2022

41. Liebknechtstrasse

[Wat voorafging]

Hahn en Weiss hebben hun werkruimte in het mooiste vertrek van de villa, de tuinkamer: een voormalige eetkamer, die overgaat in de koepel van een serre en uitkijkt op een fraaie, glooiende tuin in herfsttooi. Ze delen de kamer met Kaminsky, die min of meer hun chef is, en voor wie een deel van de ruimte is afgeschut, met een eigen ingang. Kaminsky kan toezicht houden op de werkzaamheden van zijn junioronderzoekers doordat het bovenste deel van de afscheiding bestaat uit glas. Zijn werkruimte lijkt daardoor op het kantoor van de chef van een supermarkt. Het is een onaangename situatie, die de jongens het gevoel geeft dat ze voortdurend op de vingers worden gekeken, maar ze zijn nog niet zo lang aan de Sicherungsgruppe verbonden dat ze daar al over durven klagen. Kaminsky lijkt overigens nauwelijks gebruik te maken van de mogelijkheid tot supervisie. Het grootste deel van de dag zit hij stil voor zich uit te kijken. Hahn en Weiss verdenken hem ervan dat hij drinkt, maar als hij dat doet, gebeurt het zo steels dat ze hem, ondanks de gelegenheid die ze hebben ook zelf hun chef in de gaten te houden, nog nooit echt hebben kunnen betrappen.
En Kaminsky is vaak afwezig. Net zoals nu. Als Hahn en Weiss het werkvertrek binnenkomen, is het kantoortje leeg. De jongens leggen onmiddellijk hun masker af en vallen, als de lompe twintigers die ze zijn, in de kantoorstoelen aan hun tegen elkaar geschoven bureaus. Hahn steekt een sigaret op.
‘Wat ben jij een laffe hond, man,’ zegt Weiss honend. ‘“Ja Herr Gerhard, nein Herr Gerhard.” Zo’n grote bek als hij er niet bij is, maar als hij tegenover je staat, spring je in de houding als een verdomde rekruut.’
‘De lul,’ zegt Hahn. ‘Hij stinkt uit zijn bek.’
‘Ja vertel mij wat,’ grinnikt Weiss. ‘Maar hij is wel je meerdere, hoor.’
‘Zag je hoe hij naar Pfau keek,’ zegt Hahn.
‘Naar Pfau?’ zegt Weiss ongelovig.
‘Een ouwe nazi,’ zegt Hahn.
‘Net als Kaminsky?’
‘Het zijn toch allemaal nazi’s.’
‘Ja, dat is jouw stokpaardje.’
‘Boven de veertig, allemaal fout.’
‘Behalve Fischler natuurlijk.’
‘Die staat onder en boven de wet.’
‘Denk je echt?’
‘Die is gewoon te jong,’ zegt Hahn. ‘Hij kan niet eens lid geweest zijn van de Hitlerjugend. Maar ik ben nog bezig het uit te zoeken’
Weiss duikt in zijn papieren.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...