zondag 30 april 2023

278. Juristerei

[Wat voorafging]

Penny ziet niet veel in Gerhards voorstel om Sophie te helpen door een advocaat in te schakelen, en als de advocaat ten tonele verschijnt, heeft Magda aanvankelijk het gevoel dat Penny’s twijfel misschien wel gegrond is. Het is allemaal begonnen met een telefoontje van zijn kantoor, de maandag nadat Emmerich Gerhard in Mülheim op bezoek was geweest. Schikte het Frau Gerhard om Herr Doktor Weininger de volgende dag om 11.00 u te ontvangen? Als hij dinsdagmorgen voor de deur staat, blijkt Weininger een man te zijn van een jaar of vijftig, gesoigneerd, met kortgeknipt peper-en-zoutkleurig haar. Onder een dure halflange winterjas draagt hij een zwart pak. Als een begrafenisondernemer, denkt Magda. Ze laat hem binnen, en begeleidt hem naar de huiskamer, waar Sophie en Penny samen aan de lange kant van de tafel zitten te wachten. De advocaat knikt kort en gaat zonder iets te zeggen tegenover hen zitten. Daar klikt hij zijn advocatentas open en legt een stapel documenten voor zich neer. Hij schroeft de dop  van zijn vulpen, en kijkt Magda, die aan de korte zijde rechts van hem heeft plaatsgenomen, streng aan. Commissaris Gerhard heeft zich bereid verklaard de juridische kosten van de echtscheiding voor zijn rekening te nemen, zegt hij, en dat mag genereus genoemd worden. Zeer genereus. Maar hij kan Frau Gerhard verzekeren dat hij zonder voorbehoud en zonder beperkingen als haar vertegenwoordiger kan optreden.
Penny giechelt. Als haar vertegenwoordiger? vraagt Magda geschrokken.
‘Ja?’ zegt de advocaat, van zijn stuk gebracht. Hij kijkt de vrouwen verontrust aan. De heer Gerhard heeft hem gevraagd contact op te nemen met Magda om haar juridisch van advies te dienen over een scheiding, zegt hij. Hij neemt aan…



zaterdag 29 april 2023

277. De duivel uitdrijven met Beëlzebub

[Wat voorafging]

‘Ínteresting,’ zegt de Amerikaan. ‘En wat zegt Fischler ervan?’
‘Fischler is ziek,’ zei Kaminsky.
‘En Bödel?’
‘Herr Bödel,’ begint Kaminsky verontwaardigd. Maar daar stokt hij. Om een of andere reden krijgt hij het vervolg niet over zijn lippen. ‘Het is een illegale operatie,’ zegt hij tam.
‘Ja, ja,’ zegt de Amerikaan. ‘Ja, ja.’
Hij zwijgt. Denkt kennelijk na.
Kaminsky houdt zijn adem in.
‘Luister, Gurd,’ zegt Seinfield. ‘Drie richtlijnen. Heb je dat? Drie richtlijnen. Eén. We willen niet dat hier maatschappelijke onrust over ontstaat. Dat zul je wel begrijpen. Twee. Die Staüberle, en die Konopka, en die Eva Richter. Dat zijn marxisten-leninisten. Dat zijn maoïsten. Dat zijn antidemocratische krachten. De Verenigde Staten staan daar afwijzend tegenover.’
Kaminsky zwijgt.
‘Zeker tegenover Frau Konopka,’ gaat de Amerikaan verder. ‘Zij is in onze optiek géén speciaal geval.’
Hij zwijgt opnieuw, maar Kaminsky is zo in de war dat hij met geen mogelijkheid iets in het midden zou kunnen brengen.
‘En ten derde,’ gaat de Amerikaan verder. ‘Rechts nationalisten. Ja, dat is vaak geen fris volk. Geen groeperingen waar de Verenigde Staten graag mee geassocieerd worden. Maar soms, Gurd, soms is het nodig…’ Hij aarzelt even. ‘Soms is het nodig de duivel uit te drijven met Beëlzebub. Als je begrijpt wat ik bedoel.’
Kaminsky knikt tegen de hoorn, maar zegt nog steeds niets. 
‘En dat begrijp je,’ gaat de Amerikaan verder. ‘En ik ben er zeker van dat je superieuren er net zo over denken.’

vrijdag 28 april 2023

276. De duivel uitdrijven met Beëlzebub

[Wat voorafging]

Laat in de middag schakelt Fricke een telefoontje naar hem door van ene majoor Seinfield. Niet een naam die Kaminsky bekend voorkomt, maar de man slaat een toon aan of hij een oude vriend is.
‘Gurd?’ zegt hij met een zware Amerikaanse stem. ‘Gurd Kaminsky?’
Kaminsky, inmiddels flink aangeschoten, bevestigt dat hij dat is.
‘Great job, Gurd,’ zegt de Amerikaan. ‘Terrific.’
Kaminsky stamelt iets.
‘Waar zit je tegenwoordig, Gurd? Coördinatiepunt Politiek Gemotiveerde Gewelddaden, he? Ja, ja, nieuwe afdeling van het Kriminalamt. Contraterrorisme he? Ja, great job.’
Hij pauzeert even, maar Kaminsky weet niets te zeggen.
‘En er vindt daar een illegale operatie plaats?’ herneemt de Amerikaan.
‘Een infiltratie,’ zegt Kaminsky moeizaam.
‘Een infiltratie he. Ja, ja, dat is wat ik hier zie. Onder leiding van Herr Gerhard.
‘Hij is hier coördinator.’
‘Ja, ja, coördinator,’ bevestigt Seinfield. ’Emmerich Gerhard. He’s a tough one, isn’t he?’
‘Hij is een nazi,’ zegt Kaminsky met verstikte stem.
‘Aren’t you all,’ zegt Seinfield jolig.
Maar Kaminsky negeert dat. ‘U moet hier iets tegen doen,’ zegt hij.
Even is het stil aan de andere kant van de lijn.
Dan kucht Seinfield. ‘Wij?’ zegt hij. ‘Wil je dat wij hier iets tegen doen?’
‘Het is een clandestiene operatie,’ zegt Kaminsky.
‘Een nazi he,’ zegt Seinfield. ‘Bedoel je dat de rechts-nationalisten hierbij betrokken zijn?’
‘Het zou me niets verbazen.’
‘Ja, ja. Ja, ja. En wie was het doelwit van deze, eh, operatie? Frau Konopka he?’
‘Frau Konopka is een speciaal geval,’ zegt Kaminsky.
‘Irmgard Konopka. Van de Staüberle-Konopka-bende.’
Kaminsky zwijgt.



donderdag 27 april 2023

275. De duivel uitdrijven met Beëlzebub

[Wat voorafging]

Langzaam maar zeker groeit in Gerd Kaminsky het besef wie het doelwit is van de infiltratie die Emmerich Gerhard uitvoert. Irmgard Konopka! De opdracht die Gerhard heeft ontvangen is Konopka te liquideren.
Is het zinvol dit inzicht met Udo Hohenfels te communiceren? Ook daar denkt Kaminsky lang over na, maar uiteindelijk besluit hij dat het niet wenselijk is de zaak al in dit stadium uit handen te geven. Er is een andere mogelijkheid. Op maandag 30 november tegen elf uur ‘s ochtends drinkt Gerd Kaminsky twee Jägermeisters, en belt vervolgens een nummer in Bonn. Hij krijgt onmiddellijk Lebowsky aan de lijn, die het plaatselijke diensthoofd is van de CIA. Enigszins schor van nervositeit, eerst aarzelend, maar allengs met meer zelfvertrouwen, doet Kaminsky hem de zaak uit de doeken. Lebowsky luistert. Maakt geïnteresseerde geluiden. Stelt een paar vragen. Nee, nee, een illegale operatie, bevestigt Kaminsky. Buiten de reguliere kanalen. Nee, een liquidatie. Naar alle waarschijnlijkheid een liquidatie.
‘Interesting,’ knort de Amerikaan. ‘Interesting.’
Maar verder gaat hij niet. Hij dankt Kaminsky voor zijn medewerking. Hij zal zeker melding maken van wat Kaminsky hem heeft meegedeeld. Kan Kaminsky eventueel op dit nummer worden teruggebeld?



woensdag 26 april 2023

274. De duivel uitdrijven met Beëlzebub

[Wat voorafging]

Gerd Kaminsky is weer op kantoor, maar hij is nog steeds niet in zijn gewone doen. Bij het gesprek dat hij heeft gehad met Udo von Hohenfels, heeft die hem drie richtlijnen gegeven. Maatschappelijke onrust moest vermeden worden, drukte Hohenfels hem op het hart. Christian Staüberle en Eva Richter moesten worden uitgeschakeld. En Irmgard Konopka moest, als dat even mogelijk was, beschermd worden. Volkomen krankzinnig natuurlijk, maar dat zijn de richtlijnen, en Kaminsky is ervaren genoeg om te weten dat het volgen van richtlijnen, ongeacht de aard van die richtlijnen, doorgaans de zekerste, misschien wel de enige weg is naar succes. Als hij het spel goed speelt is het helemaal niet onmogelijk dat de uitkomst van deze affaire hem in zijn biotoop op het Coördinatiepunt Politiek Gemotiveerde Gewelddaden geen windeieren legt.
Maar wat is het spel? Kaminsky denkt daar lang en koppig over na. Wat is er precies aan de hand en hoe kan hij daar zijn voordeel mee doen? Uitgangspunt is natuurlijk de jarenlange betrokkenheid van Emmerich Gerhard bij clandestiene operaties. Kaminsky heeft voorzichtig her en der telefoontjes gepleegd, maar het resultaat daarvan is weinig bevredigend. Sectie Vier? Dat is toch iets van vroeger? Nee, nee, dat is opgedoekt. Nee, dat bestaat niet meer. Dat is niet meer van deze tijd. De Amerikanen accepteren dat niet. Menen zijn contacten. Maar is dat zo? Hoe langer Gerd Kaminsky er over nadenkt, hoe zekerder hij ervan is dat Emmerich Gerhard wel degelijk betrokken is bij iets wat je zou kunnen kwalificeren als een ‘speciale operatie’. Een speciale operatie nieuwe stijl. Politiek aangestuurd natuurlijk. En gericht tegen het Roodfront. Maar als dat zo is, wat is dan het doelwit? Een operatie gericht op het uitschakelen van Christian Staüberle en Eva Richter kan het niet zijn. Staüberle en Richter zitten in Berlijn, net als de harde kern van hun medestanders. Maar Gerhards operatie heeft zijn uitgangspunt bij een mislukte ontvoering, eind oktober, in Keulen. En in wat Kaminsky daarover inmiddels weet, komt één Roodfrontnaam duidelijk naar voren.


dinsdag 25 april 2023

Terroristenbestrijding. Tussenstand

[Wat voorafging]

Tijd om het feuilleton weer een slinger te geven. Hoe staat het ervoor? We waren op het kantoor van het Coördinatiepunt Politiek Gemotiveerde Gewelddaden aan de Liebknechtstrasse in Bonn, waar de junior onderzoekers Hahn en Weiss zich te buiten gaan aan speculaties over de zaken van hun coördinator Emmerich Gerhard. Er beginnen zich conclusies te vormen.

‘Stel nou dat het Roodfront zelf een dekmantel is?’ fantaseert Hahn. ‘Dat het helemaal niet Roodfront is dat een aanslag uitvoert?’
‘Maar wie dan?’
‘Wie denk je?’
‘Gerhard zelf?’
‘Speciale commando’s noemden ze dat in de jaren zestig,’ zegt Hahn. ‘Sectie Vier.’
‘Sectie Vier?’
‘Ja jochie, je weet niet alles he,’ zegt Hahn zelfvoldaan. ‘Sectie Vier.’ Hij legt uit waar zijn eigen onderzoekingen toe hebben geleid. Weiss luistert ademloos. Sectie Vier. En daar waren politiemannen bij betrokken die later waren afgevoerd, omdat ze te linken waren aan de neonazi’s. Net als Kasinke.
‘O god,’ zegt Weiss ademloos.
Hahn knikt. ‘Twee dingen,’ zegt hij. ‘Het eerste is dat we moeten zien uit te vogelen wie die man was in de nieuwe Mercedes.
‘En het andere?’ zegt Weiss.
‘We moeten erachter komen op wie ze het gemunt hebben,’ zegt Hahn.

zondag 9 april 2023

273. Hahn en Weiss

[Wat voorafging]

Maar Kaminsky is natuurlijk klein bier. De jacht is open op groter wild. En ze maken vorderingen. Hahn is er nog niet in geslaagd te bewijzen dat Emmerich Gerhard een nazi is. Dat zit er nog niet in. Maar de aanwijzingen stapelen zich op. Er zitten onthullingen aan te komen. Het is alleen nog maar een kwestie van tijd.
‘Weet je,’ zegt hij peinzend, ‘stel nou dat het allemaal gewoon een dekmantel is, die operatie van Gerhard. Stel nou dat dat zo is. Wat zit daar dan onder?’
‘Onder de dekmantel?’ zegt Fricke gretig.
Maar Hahn negeert hem.
‘Ik weet wel dat het gewaagd klinkt,’ zegt hij tegen Weiss, ‘maar stel nou eens, stel nou dat die infiltratie gewoon onderdeel is van een grotere operatie. Zogenaamd hebben we een infiltrant. Maar in werkelijkheid is die hele zaak in scène gezet. Waarvoor? Simpel. Om een contactpersoon te scheppen. Een contactpersoon, snap je wel, geen infiltrant. Gewoon iemand die onder het mom van infiltratie wapens levert, en andere benodigdheden, aan die Roodfrontlui. En waarom? Omdat ze de rol moeten spelen die voor hen is weggelegd.’
Hij kijkt Weiss, die hem niet-begrijpend aankijkt, diep in de ogen.
‘Welke rol?’ zegt die.
Hahn laat een pauze vallen.
Zijn gedachten werken als razenden.
En vormen een conclusie.
‘Godverdomme,’ zegt hij. ‘Dat is het! ‘
‘Wat is het?’
‘Stel nou dat het Roodfront zelf een dekmantel is? Dat het helemaal niet Roodfront is dat een aanslag uitvoert?’
‘Maar wie dan?’
‘Wie denk je?’
‘Gerhard zelf?’
‘Speciale commando’s noemden ze dat in de jaren zestig,’ zegt Hahn. ‘Sectie Vier.’
‘Sectie Vier?’
‘Ja jochie, je weet niet alles he,’ zegt Hahn zelfvoldaan. ‘Sectie Vier.’ Hij legt uit waar zijn eigen onderzoekingen toe hebben geleid. Weiss luistert ademloos. Sectie Vier. En daar waren politiemannen bij betrokken, die later waren afgevoerd, omdat ze te linken waren aan de neonazi’s. Net als Kasinke.
‘O god,’ zegt Weiss ademloos.
Hahn knikt. ‘Twee dingen,’ zegt hij. ‘Het eerste is dat we moeten zien uit te vogelen wie die man was in de nieuwe Mercedes.
‘En het andere?’ zegt Weiss.
‘We moeten erachter komen op wie ze het gemunt hebben,’ zegt Hahn.

zaterdag 8 april 2023

272. Hahn en Weiss

[Wat voorafging]

‘Gerhard, Mülheim, Konopka,’ zegt Hahn. ’En nu Gerhard NPD. Daar hoef je toch niet aan te twijfelen.’
‘Ik snap het niet,’ zegt Weiss.
‘Ik ook niet,’ zegt Hahn. ‘Nog niet. Maar er tekent zich een patroon af, dat zie je toch! Alles hangt met alles samen. Die infiltratie, die affaire in Mülheim, en nu blijken ook de fascisten er een rol in te spelen.’
‘Maar waarin?’ zegt Weiss.
‘Het is een spel,’ zegt Hahn gedecideerd. ‘Gerhard, de extremisten, de NPD’ers, het zijn allemaal poppetjes, aan de touwtjes van degenen die eigenlijk de dienst uitmaken.’
‘Maar wie zijn dat?’
Hahn haalt zijn schouders op. ‘Wij zijn dat in ieder geval niet,’ zegt hij.
‘Moeten we dit niet bespreken?’ zegt Weiss benauwd.
‘Met wie?’
‘Met Herr Kaminsky?’
Hahn lacht minachtend. ‘Is Kaminsky er?’ vraagt hij aan Fricke.
Die knikt. ‘Hij is aan de telefoon,’ zegt hij.
Fricke beheert, sinds de Pfauin ziek is, vanachter zijn balie de telefooncentrale van het kantoor.
‘Al twintig minuten.’
‘Ik vraag me af met wie in vredesnaam,’ zegt Weiss.
‘Geen idee,’ zegt Fricke brutaal. ‘Misschien met zijn kinderen?’
‘Heeft hij kinderen?’ zegt Weiss verbaasd.
‘Waarom niet?’
‘Hij heeft het er nooit over.’
‘Ach man, die vent is opa,’ zegt Hahn. ‘Die heeft twaalf kleinkinderen. Dat heb je met oude nazi’s. Dikke bankrekeningen. En allemaal kleine ariërtjes. Die lui kennen geen enkele remming.’
Hahn houdt wel van een grapje.


vrijdag 7 april 2023

271. Hahn en Weiss

 [Wat voorafging] 

Mülheim is een ander staaltje van Weiss' onderzoekskunde. Misschien wel het gewaagdste tot nu toe. Weiss woont in Keulen, en ruim een week geleden, op 20 november, was hij vóór zijn werk, zonder daar veel van te verwachten, langs de flat van Gerhard in Raderthal gereden. Hij had er een half uurtje gepost, maar het was al laat, al na de middag, en hij was net van plan door te rijden naar Bonn, toen Gerhard onverwacht naar buiten kwam, en in zijn auto stapte. Weiss was Gerhard gevolgd. En hij constateerde dat Gerhard een bezoek aflegde bij ene Magda Gerhard. En dat was niet zonder betekenis, want deze mevrouw Gerhard was een paar dagen eerder, in een dienstbericht van 16 november opgedoken. Een proces-verbaal van de politie in Mülheim, van een verklaring die was afgelegd door een zekere Hans-Peter Dreifuss. De verklaring had betrekking op een bezoek dat tussen 27 en 29 oktober aan Magda Gerhard zou zijn gebracht door een prominent Roodfrontlid, Irmgard Konopka. Dreifuss was gehuwd met ene Sophie Kirchhoff, die een vriendin was van de Gerhard-vrouw. Ze was bij het bezoek van Konopka betrokken geweest. Kennelijk hadden de contacten tussen Kirchhoff en Konopka tot een conflict geleid binnen het huwelijk. In ieder geval had Dreifuss aanleiding gezien om, zij het wat laat, de politie op de hoogte te stellen.

donderdag 6 april 2023

270. Hahn en Weiss

[Wat voorafging]

Weiss moest lang wachten, maar uiteindelijk werd zijn geduld beloond. Tegen kwart voor elf reden er met grote snelheid drie auto’s de straat in, een taxi en twee personenauto’s. Een van de auto’s, een splinternieuwe Mercedes, parkeerde voor de ingang van de flat. Uit de kofferbak werd door de inzittenden van de andere auto’s een campingstoel tevoorschijn getrokken, waarop de bestuurder van de Mercedes plaats nam. Vlak daarop was Gerhards Audi ten tonele verschenen. Gerhard stapte uit en voerde een kort gesprek met de bestuurder van de Mercedes. Daarna ging die met hem naar binnen, waar hij ongeveer een kwartier was gebleven.
‘Maar dat was niet alles,’ zegt Weiss.
Want de taxi was niet zo maar een taxi.
De taxi was de auto van Kasinke.
Hahn knikt. Dat is inderdaad bingo. Kasinke is een bekende. Dat wil zeggen, niet zozeer van Hahn zelf. Hahn is geen veldwerker. In ieder geval niet zoals Weiss, die de laatste weken heeft bewezen over onvermoede kwaliteiten te beschikken. Dat bleek al toen hij, dankzij zijn contact met Udo Hayek de feiten rond de kidnapping in Keulen aan het licht bracht. Maar ook daarna had hij niet stilgezeten. Het knapste staaltje was misschien de ontdekking die hij op 9 november deed. Weiss was die dag, na zijn werk, zoals hij dat wel vaker deed, langs het thuisadres van Gerhard gereden, en merkte op dat diens auto niet bij de flat stond. Hij reed daarop naar het adres in Oberhausen waar de kidnapper Schneider domicilie hield: een adres dat hij kende dankzij Hayek. Daar zag hij, zoals hij al had gehoopt, Gerhards auto staan. Maar wat meer was, hij kwam iets op het spoor dat je echt spectaculair kunt noemen. Gerhard werd niet alleen geobserveerd door Weiss zelf, maar ook door een taxichauffeur, een zekere Kasinke, een ex-politieman, die halverwege de jaren zestig oneervol uit de dienst is ontslagen, en die je in verband kunt brengen met de neonazistische Nationalpartei Deutschland. Weiss was er getuige van hoe Gerhard, bij zijn thuiskomst, laat die avond, eerst slaags raakte met Kasinke, en later met hem in gesprek was.
En nu is Kasinke dus opnieuw opgedoken.
‘Dat is spannend,’ zegt Hahn.
Weiss geeft Fricke een teken dat hij nog wel een kop koffie blieft.
‘En die Mercedes?’
‘Dat weet ik nog niet.’
‘Maar je zoekt het uit?’
‘Wat denk je?’ zegt Weiss. ‘NPD?’
‘Ze praatten met elkaar, he, Gerhard en die vent?’
‘En daarna gingen ze samen naar binnen.’
‘En daarna?’
Weiss haalt zijn schouders op. ‘Ze vertrokken.’
‘Drie auto’s?’
‘Drie auto’s.’
‘En die Mercedes?’ zegt Hahn. ‘Ben je hem gevolgd?’
Weiss schudt het hoofd. ‘Te riskant,’ zegt hij.
‘Foutje,’ zegt Hahn.
‘Ik vraag het nummer wel op.’
‘Hm,’ zegt Hahn. Hij knikt. ‘Het is wel duidelijk,’ zegt hij. ‘Het net begint zich te sluiten.’
‘Het net?’ zegt Weiss gefascineerd. ‘Welk net?’
‘Ha,’ zegt Hahn. ‘Breng het eens in verband met Mülheim.’
‘Mülheim?’ zegt Fricke nieuwsgierig.
Maar Hahn en Weiss negeren dat.
‘Ja natuurlijk,’ zegt Weiss aarzelend. ‘Mülheim!



woensdag 5 april 2023

269. Hahn en Weiss


[Wat voorafging]

Alois Hahn is later dan Gutschein en Drechsler. Sinds het wegvallen van de leidinggevenden nemen Weiss en hij het niet meer zo nauw met de werktijden, al schrijven ze zich bij het binnenkomen nog steeds stipt in, met als tijd van aankomst half negen. Op maandag 30 november arriveert Hahn iets voor half tien. Hij zet zijn fiets in het rek, naast de villa, en verdwijnt in de postkamer om de dienstberichten door te kijken die dat weekend zijn bezorgd. Er zit niets bij, constateert hij tevreden, niets dat hem noopt tot een reis naar het steunpunt in Düsseldorf. Even later zit hij bij Fricke aan de koffie.
Ronald Weiss arriveert nog een kwartier later. Hij parkeert zijn auto aan de straat, schrijft zich in en loopt daarna haastig naar de keuken.
‘Bingo!’ zegt hij, terwijl hij tegenover Hahn aan tafel schuift.
Hahn kijkt hem vragend aan.
Weiss buigt zich over de tafel, en zegt op gedempte toon: ‘Gerhard is terug.’
Hahn haalt zijn schouders op. Dat is weinig verrassend nieuws. Via hun contacten met het steunpunt weten ze dat Gerhard vorige week in Berlijn is geweest, en daar tot vrijdag zou blijven.
‘So what?’
‘Ik ben vrijdagavond naar zijn flat gereden,’ zegt Weiss. ‘Hij was er nog niet, dus heb ik gewacht.’
Hahn grijnst, en zijn grijns wordt steeds groter als hij de rest van het verhaal hoort.


dinsdag 4 april 2023

268. Op kantoor


‘Weet je, die Roodfrontlui zijn best moeilijk te plaatsen. Ze hebben natuurlijk hun wortels in de nieuwlinkse beweging. Veel van de namen die we kennen, komen daar ook uit voort. Maar ideologisch staan ze dicht bij de marxisten-leninisten. De maoïsten. Irmgard Konopka…’
‘Aha, je stokpaardje.’
‘Nou ja, ze heeft daar gewoon goeie dingen over gezegd,’ zegt Drechsler. ‘Veel van wat ze heeft geschreven kun je zien als een poging om de plaats te bepalen van de nieuwlinkse beweging ten opzichte van het oudlinks van de communisten.’
‘Ik snap niet wat je er in ziet,’ zegt Gutschein hoofdschuddend.
‘Ze organiseren het verzet.’
‘Wat voor verzet?’ zegt Gutschein laatdunkend. ‘Bankovervallen en autodiefstallen. Het zijn uiteindelijk gewoon criminelen.’
‘Nee, nee,’ zegt Drechsler. ‘Wacht, hier heeft Irmgard pas nog iets over gezegd.’ Hij laat zijn kopieerapparaat in de steek en loopt naar zijn bureau, waar hij in een stapel tijdschriften begint te delven. ‘Hier, dat interview dat ze vorige week heeft gegeven aan die Italiaanse journaliste. Misschien heb je het gehoord, het is op de radio geweest. “Het belangrijke politieke moment in onze beweging,” zegt ze, “dat is precies dat wij ons buiten het systeem plaatsen. Dat is een individuele stap, die ieder afzonderlijk individu zet. Maar die mogelijk wordt gemaakt doordat wij een collectief zijn.” Dat vind ik heel goed. Heel mooi ook. “Als je je wilt verzetten, dan beslis je dat zelf. Maar het collectief helpt je om die beslissing te nemen, die je misschien in je eentje niet had durven nemen.” En wacht, dit: “Het gaat niet om de aard van de afzonderlijke acties,” zegt ze. “En ook niet om issues als het politieke gehalte, of de effectiviteit van de contestatie. De discussie daarover is vruchteloos en werkt verlammend. Het gaat er om dát de acties plaatsvinden. Het gaat niet om wat er gebeurt, maar om het blote feit dat het gebeurt.” Luister wat ze hier zegt: “Het belang van onze beweging? Ik ben daar bescheiden over. Het historische belang zal zijn dat we het systeem hebben uitgedaagd. Ongeacht de effectiviteit op dit moment.” “Maar er kunnen acties mislukken.’ zegt de interviewster dan. Maar ze laat zich niet van haar stuk brengen. “Nee,” zegt ze gedecideerd. “Er kunnen geen acties mislukken. Er kunnen geen acties op het verkeerde moment plaatsvinden. Er kunnen geen acties ideologisch aanvechtbaar zijn. Dat soort kritiek is onaanvaardbaar.” En: “Waar het om gaat is dat nu, op dit moment, in deze maatschappelijke context, het systeem wordt uitgedaagd. Daar ligt de historische noodzakelijkheid van onze acties. Maar over die historische noodzakelijkheid zal de geschiedenis oordelen.”‘
‘Dat klinkt heel treurig,’ zegt Gutschein.
‘Nee, dat klinkt moedig,’ zegt Drechsler gedecideerd.
‘Waar is dat interview eigenlijk gegeven?’
‘Op het vliegveld van Frankfurt.’
‘Hm,’ zegt Gutschein. ‘Is dat doorgegeven?’
‘Hoe bedoel je?’
‘Gaat dit soort informatie naar het steunpunt, in Düsseldorf?’
‘Dat weet ik niet hoor,’ zegt Drechsler.
‘Het lijkt me dat het wel relevant is.’
Drechsler haalt zijn schouders op. ‘Dat is iets wat Hahn en Weiss maar moeten uitmaken.’
‘En die voeren niet veel uit,’ zegt Gutschein.
‘Denk je niet?’ zegt Drechsler.
Hij grijnst.
‘Daar kon je je wel eens in vergissen.’

maandag 3 april 2023

267. Op kantoor

[Wat voorafging]

Als Gutschein tegen half negen bij Drechsler binnenloopt, is die al meer dan een half uur enthousiast bezig kopieën te maken van documenten die hij onlangs te pakken heeft gekregen. Gutschein snuffelt in de berg slecht leesbare stencils die de documentalist al door het Xeroxapparaat heeft gehaald.
‘Wat is dit?’ vraagt hij nieuwsgierig.
‘Geschriften van Kommune I,’ zegt Drechsler. ‘Heel zeldzaam.’
‘Kommune I?’
Drechsler moet het de PR-medewerker uitleggen. Een woongroep in Berlijn, die in 1967 is gevormd en die tot het eind ‘69 heeft uitgehouden. ‘Een brandpunt van de buitenparlementaire oppositie.’
‘Hm, hm.’ Gutschein buigt zich over de tekst die bovenop ligt.
‘Voorzichtig,’ zegt Drechsler, het zijn originelen, die zijn kwetsbaar. Die stencils, dat is hopeloos spul. Je kunt er misschien 100 stuks afdrukken en de laatste exemplaren van een oplage zijn nauwelijks leesbaar.
‘Dat mag je wel zeggen,’ zegt Gutschein, op de letters turend.
‘Het zijn strijdschriften. Die lui wilden een samenlevingsvorm tot stand brengen die een provocatie was van de burgerlijke kleinfamilie.’
‘Toe maar.’
‘Ze meenden dat uit de kleinfamilie het fascisme is voortgekomen. Ze zagen het gezin als een soort gevangenis, waarin mannen en vrouwen door hun onderlinge afhankelijkheid worden belemmerd in hun persoonlijke ontplooiing.’
‘De kleinfamilie moet kapot gemaakt worden,’ zegt Gutschein sarcastisch.
‘Hm,’ zegt Drechsler, die uitspraak proevend, ‘ik zie niet dadelijk dat ze daar ongelijk in hadden.’
‘In ieder geval hebben ze het niet lang volgehouden.’
‘Langer dan Kommune II,’ zegt Drechsler. ‘Die wilden het leven in een collectief verbinden met politieke arbeid, maar dat knapte al na een jaar.’
‘Kommune I,’ zegt Gutschein peinzend, ‘het komt me toch bekend voor. Waren dat niet die lui die voor seksuele promiscuïteit waren?’
‘Ze brachten het zelfs in de praktijk,’ zegt Drechsler boosaardig. ‘Ze waren aanhangers van de theorieën van Wilhelm Reich. De orgone-accumulator, ik weet niet of je daar ooit van gehoord hebt. Het zal wel niet op het curriculum staan van de faculteit geschiedenis.’
Dat is inderdaad zo.
‘Ik ben niet zo’n voorstander van promiscuïteit,’ zegt Gutschein.
‘Ik wel,’ zegt Drechsler. ‘En ik weet er inmiddels alles vanaf. Mijn vriend noemt me wel eens “de orgone-expert”.’
‘En die Staüberle-Konopka-lui?’
Drechsler tuit zijn lippen. ‘Die weten daar ook wel het nodige van,’ zegt hij. ‘Eva Richter bijvoorbeeld heeft zich er tijdens haar studie in verdiept. En ze kende ook wel mannen uit de communes. Maar het Roodfront is meer van de één-op-één-relaties. In ieder geval in theorie.’
‘Dat is tenminste iets.’

zondag 2 april 2023

266. Op kantoor

[Wat voorafging]

Maandag, onderweg naar kantoor, laat Gutschein zijn gedachten gaan over Gerhard. Hij heeft niet veel aanleiding om sympathie te voelen voor de coördinator. Hij denkt boos terug aan de vrijdag in oktober toen hij een heel geslaagde presentatie heeft gehouden voor de politie in Düsseldorf. Op de weg terug naar Bonn maakte Gerhard hem een compliment, wat tamelijk opzienbarend was. Om hem daarna genadeloos in de hoek te zetten toen hij in zijn enthousiasme vertelde dat hij een deel van zijn informatie had verkregen via de perscontacten van zijn vriendin. Toch heeft Gutschein, min of meer tot zijn verbazing, geen hekel aan Gerhard. De man is geen intellectueel natuurlijk, al kun je je misschien vergissen in zijn geestelijke diepgang. In Gutscheins ogen is Gerhard een typische Duitser. Gezagsgetrouw, op het botte af, en iemand met een diepgeworteld plichtsbesef. Meedogenloos, ja, dat schemert er wel door, en dat is misschien wel de reden waarom hij de man is om die krankzinnige operatie uit te voeren. In ieder geval heeft hij de grimmigheid die bij de middelbare leeftijd lijkt te horen. Hij zal wel een en ander hebben meegemaakt. Fout in de oorlog? Misschien. Waarschijnlijk. Maar niet iemand die uit nazitijd opvallend foute ideeën heeft meegenomen. Wat Kaminsky had geroepen toen Gerhard hem de Roodfrontdossiers afpakte kan Gutschein moeilijk serieus nemen. Moordenaar? Mislukkeling? Die laatste kwalificatie past eerder bij Kaminsky zelf. Van de verdachtmakingen van Hahn en Weiss gelooft hij niet veel. In ieder geval niet zonder bewijzen. Maar er is een infiltratie opgezet. Dat lijdt geen twijfel. En Gerhard is daar, ondanks de gebeurtenissen in Kleefeld, kennelijk nog steeds mee bezig. En boekt misschien wel voortgang. Al hebben Hahn en Weiss de laatste veertien dagen weinig nieuws aan het licht gebracht.

Iets na kwart over acht is Gutschein op kantoor. Hij hangt zijn jas op aan de kapstok in de hal. In de keuken hoort hij Fricke rommelen, maar hij heeft weinig zin zich bij de conciërge te voegen. Even aarzelt hij of hij naar boven zal gaan, naar zijn kamer op de eerste verdieping. Maar uiteindelijk loopt hij de trap af, naar het souterrain, waar hij al van enige afstand het kopieerapparaat hoort stampen. Drechsler is zelfs op dit vroege uur onverdroten bezig met de uitbreiding van zijn papieren monument.


zaterdag 1 april 2023

265. Op kantoor

[Wat voorafging]

Gutschein worstelt meer dan een week met dit soort overwegingen, en pas eind november is hij zo ver dat hij ze onder woorden kan brengen. De 29e november is een zondag. Hij heeft die nacht, zoals wel vaker, tussen vier uur en vijf uur wakker gelegen, ten prooi aan dwanggedachten over de toestand op het kantoor, en over zijn eigen passiviteit. Daarna is hij in een slaap gevallen waaruit hij tegen negen uur wakker wordt, omdat Saskia tegen hem aankruipt. Ze vrijen. Vervolgens slapen ze opnieuw uit, en om elf uur liggen ze, opgekruld in de warme geur van hun gemeenschap, thee te drinken en brood te eten, met de vreselijke zachtgekookte eieren waar Saskia dol op is. In die toestand, met zijn lippen plakkerig van het eierstruif, begint hij, zonder verder over de pro’s en contra’s na te denken, haar het verhaal te vertellen van Gerhards operatie, voor zover dat inmiddels bij de Sicherungsgruppe bekend is.
‘Aiai,’ zegt Saskia, als hij zwijgt. ‘Infiltratie. Is dat legaal?’
Gutschein lacht spijtig. ‘Legaal?’ zei hij, ‘wat moet je nou in een rechtsstaat met een begrip als legaliteit? Legaal is wat niet verboden is. Legaal is wat de overheid aanmerkt als legaal. En het ziet er naar uit dat dat hier het geval is. Of denk je van niet?’
‘Wat zegt meneer Fischler?’
‘Meneer Fischler is al twee weken ziek.’ Hij lacht opnieuw, dit keer smalend. ‘“Maar je kunt echt ziek zijn hoor,”‘ imiteert hij de bezorgde stem van de Pfauin. ‘“Het hoeft niet altijd voorgewend te zijn.”‘
‘Wie zeg dat?’
‘Gerda Pfau, je weet wel, de secretaresse.’
‘Zegt ze dat nog steeds?’
‘Weet ik veel,’ zegt Gutschein kwaad. ‘Ze is zelf ook ziek.’
‘Zelf ook ziek?’
‘Totaal verrot,’ gromt hij.
‘Nou, nou.’
‘Nee, echt. Nee, ik meen het. Weet je, laten we eens aannemen dat infiltratie een legaal middel is, een middel dat de Federale Recherche kan inzetten, bijvoorbeeld tegen groeperingen die omverwerping van de rechtsstaat beogen. Wat moeten we ons dan daarbij voorstellen? Wat is infiltratie precies? En wat willen we ermee bereiken?’
Saskia tuit haar lippen en houdt haar hoofd op een onweerstaanbare manier scheef. ‘Je zoekt iemand die lid is van zo’n groepering,’ zegt ze. ‘Of iemand die er lid van kan worden. En als die iemand dan lid is, dan hoort hij alles wat er in die groepering omgaat. En dat geeft hij dan door.’
‘Via een brievenbus.’ zegt Gutschein boosaardig.
‘Tja, of wat ze daar dan maar over afspreken.’
‘Hij is dus eigenlijk een informant,’ zegt Gutschein. ‘Maar in theorie, he, in theorie kun je nog veel verder gaan.’
‘Zoals?’
‘Je kunt gaan proberen die groepering aan te sturen. Je kunt ze, ik zeg maar iets, van wapens gaan voorzien, zodat ze aanslagen kunnen plegen.’
‘Maar dat zou toch idioot zijn.’
‘Idioot?’ zegt Gutschein. ‘Dat weet ik nog niet zo net.’
‘Maar bij aanslagen kunnen mensen omkomen.’
‘Misschien is dat wel precies de bedoeling.’
‘Maar dat mag toch niet. ‘
‘Wat mag wel, en wat mag niet?’
‘Hoe kom je op dat idee?’
Gutschein vertelt haar over de detonators. Wat Weiss daarover heeft gehoord van het steunpunt in Düsseldorf. De infiltrant heeft in een brievenbus een briefje gedeponeerd, waarin hij om detonators vroeg. En Gerhard heeft daarna een nummer gebeld, en die detonators gewoon besteld. ‘En de volgende dag was er al een pakje. Bezorgd door iemand van de Wehrmacht. Een gewone dienstplichtige soldaat. “Hier. Wel voorzichtig mee omgaan he. Er zit knalkwik in.” En is dat dat nog legaal? Dat is natuurlijk de vraag. Maar het zou zo maar kunnen.’
Hij gooit de dekens van zich af, en maakt aanstalten om op te staan. Maar Saskia pakt hem vast. En overdekt hem met kusjes. Het draait er op uit dat ze nog een keer vrijen. En daarna praten ze er niet meer over.



414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...