zondag 11 september 2022

63. Wiesbaden

[Wat voorafging]

Na de briefing in Düsseldorf is Emmerich Gerhard vroeg thuis in zijn flat in Keulen, Raderthal. Hij haalt de post uit de brievenbus, hij bergt de boodschappen op die hij op weg naar huis heeft gedaan, en eet uit de oven. Later besteedt hij aandacht aan zijn conditie, door in een zeurderige motregen zijn gebruikelijke drie kilometer te lopen in de Äußere Grüngürtel, de groenvoorziening die aan Raderthal grenst en die het stadsdeel min of meer beschut tegen het kabaal en de kwade dampen van de Ringweg. Daarna doucht hij uitgebreid, hij schenkt zich een glas cognac in en haalt een pas gekochte box tevoorschijn met de platen van Alban Bergs Lulu. Een nieuwe uitvoering onder Pierre Boulez. Omslachtige, wezensvreemde muziek, vol van gevaarlijke verleidingen.
Halverwege de tweede kant rinkelt de telefoon. Gerhard loopt naar de draaitafel en draait de volumeknop uit voor hij de hoorn opneemt. Het is Wiesbaden, de Federale Recherche. Pressler, iemand die hij vaag meent te kennen. Bödel verwacht hem, zegt Pressler. Maandag om vier uur, in Wiesbaden.
Bödel!
Waar gaat het over? vraagt Gerhard.
Onbekend.
Heeft het met het bureau te maken? Moet hij stukken meenemen?
Maandag, herhaalt de man nors. Om vier uur. En hij beëindigt het gesprek. Gerhard tilt de naald van de plaat. Als hij het cognacglas van tafel wil pakken, grijpt hij mis, het glas breekt op de plavuizen. Hij kan zich er niet toe brengen de scherven op te ruimen en ijsbeert door de kamer. Tot hij zich realiseert dat hij zich gedraagt als een onrustige hond.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...