‘O nee,’ zegt ze verschrikt. ‘Herr Bödel is afwezig. Wist u dat niet? Hij is op vakantie.’
‘Op vakantie? Tot wanneer?’
‘Tot het eind van de maand,’ zegt het meisje spijtig. ‘Hij maakt een cruise in het Caraïbische gebied. Met zijn vrouw.’
Is Bödel telefonisch bereikbaar?
Nee, nee. O nee, dat was moeilijk.
Wie vervangt hem?
Ja, dat is ook lastig. ‘Ik weet niet. Maar Herr Adalbert Fischler, van de Sicherungsgruppe in Bonn, misschien kan die u helpen? Zal ik u zijn telefoonnummer geven?’
‘Dat is niet nodig,’ zegt Gerhard.
Hij denkt even na. Bödels secretaris. Hoe heette hij? Pressler.
‘Geef me Pressler maar,’ zegt hij.
‘Herr Pressler? Een ogenblikje, ik verbind u door.’
Maar de verbinding komt niet tot stand. Na enige tijd komt Marianne opnieuw aan de telefoon. Ze put zich uit in verontschuldigingen. ‘O, Herr Gerhard, het spijt me zo verschrikkelijk. Herr Pressler is niet bereikbaar. Zal ik hem vragen of hij u terugbelt?’
Gerhard legt de hoorn op de haak, en denkt na.
Maar hij ziet geen oplossing.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten