donderdag 29 juni 2023

339. Hahn

[Wat voorafging]

Het sluiten van het coördinatiepunt is een goede zaak. Het ontslaat Weiss en Hahn van de verplichting om naar Düsseldorf te reizen als er dienstberichten op het bureau binnenkomen die betrekking hebben op Roodfront - wat overigens vanaf het begin een lachwekkende opdracht was. Maar de sluiting is niet de enige interessante ontwikkeling. Ook Gerda Pfau is na drie weken ziekte weer ten tonele verschenen. Heel geheimzinnig. Eergisteren, dinsdag, heeft Weiss haar gespot. Reines Zufall. In de hoerenbuurt van Keulen. Een tasje onder haar arm, en gekleed in een lange, viltachtige winterjas. Ze had haast en keek op noch om en toen Weiss haar groette, had ze hem alleen stom aangekeken en haar pas versneld. Maar de volgende ochtend is ze op haar gewone tijd weer op kantoor verschenen. Toen Hahn zelf tegen elf uur arriveerde zag hij dat ze zich had ingeschreven om 8.15. Hij is natuurlijk onmiddellijk gaan kijken, zonder zich zelfs de tijd te gunnen voor een kop koffie. De Pfauin zat op haar gewone plaats, achter haar zorgvuldig opgeruimde bureau, met alleen de interne mededelingen van de laatste weken voor zich. Ze glimlachte zwakjes toen hij haar groette. Erg spraakzaam was ze niet. Nee, ze was beter. Geen woord over wat haar had gescheeld. Toen hij haar vroeg of het soms iets te maken had met de ziekte van Fischler (brutaal!), schudde ze het hoofd, en boog zich over het bovenste van de a4’tjes die voor haar lagen. Maar toen hij haar confronteerde met haar ontmoeting met Weiss raakte ze in paniek.
’Nee, nee’, zei ze hoofdschuddend. En toen hij aandrong: ‘Er is iets aan de hand.’
Toen hij verder aandrong voelde ze zich om de een of andere reden gedwongen te vertellen dat ze bij Gerhard langs was geweest.
Waarom?
Ze haalde haar schouders op. ‘Hij was er niet,’ zei ze.
Wat hij al wist, via Weiss.
Meer kreeg hij er niet uit.
‘Ja,’ zei Weiss toen hij het hem vertelde. ‘Jammer dat ze zo schuw is, want uiteindelijk is het een lekker wijf.’
‘Die geeft toch niet om mannen,’ zei hij laatdunkend.
‘Een pot?’
‘Eerder een non,’ zei hij. ‘Kun je je voorstellen dat die een kerel in haar armen heeft.’
‘Oef,’ kreunde Weiss, terwijl hij naar zijn kruis tastte.
‘Af hond,’ snauwde hij.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten

414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...