donderdag 13 juli 2023
353. Gerhard
Het draait er natuurlijk toch op uit dat hij met haar naar bed gaat. Het komt door het praten, denkt Gerhard verbitterd. Praten en praten. En praten. En niets zeggen. Een heleboel gejank van haar kant, en hij hield het zelf om een of andere reden ook niet droog. Het eind van het liedje is dat ze naar een motel rijden, waar ze een kamer huren. En zich helemaal suf neuken.
Eigen schuld, dikke bult.
Maar iets oplossen doet het niet. De volgende ochtend, bij het ontbijt dat ze op hun kamer laten serveren, zijn ze nog net zozeer vreemden voor elkaar als altijd. Zij de linkse journaliste die op oorlogspad is gegaan. En hijzelf haar hond. Gerhard gunt Konopka nauwelijks de tijd om van het ontbijt te eten wat ze wil, zozeer windt ze hem op, zoals ze naast hem in de kussens zit, achter de sluier van haar geverfde haren, waarvan de uitgroei al duidelijk zichtbaar is.
Haar geur!
Hij pakt het dienblad met eten en zet dat, met rinkelende koffiekopjes en al, ruw op de grond. Maar als ze klaar zijn, zij met haar gezicht in de lakens, hij op zijn rug liggend, met zijn ogen op het plafond gericht, is het weer net zoals ervoor.
‘Zo zie je maar weer,’ zegt hij.
‘Wat?’
‘Mannen hebben alleen interesse in seks.’
‘Denk je echt?’
Hij kijkt naar haar zonder zijn hoofd te bewegen. ‘Niet in politiek in ieder geval,’ zegt hij grimmig.
‘Daar vergis je je in.’
‘Niet in politiek,’ herhaalt Gerhard.
‘Alles is politiek,’ zegt ze.
‘Seks ook?’
Ze zwijgt.
‘En wat is dan de politieke betekenis?’
‘Waarvan?’
‘Van dit?’
“We zijn kwetsbare dieren,’ zegt ze.
‘We zijn achterlijke idioten,’ zegt hij kwaad.
‘Dat ook, ja.’
‘Vol waanideeën.’
Ze zwijgt weer.
‘En nu? Je brengt me terug?’ zegt hij.
‘Naar Keulen,’ zegt ze.
Ze draait zich om en staat op.
Ze wast zich.
Ze begint haar spullen in te pakken.
‘En dan?’ zegt hij.
Ze luistert niet.
‘Jij stort je in het terrorisme,’ zegt hij sarcastisch. ‘Jullie voeren aanslagen uit. Met je blote handen. Tot de maatschappelijke onrust zo groot wordt dat de gezagsstructuren verkruimelen, in elkaar storten. En er gloort een nieuwe dageraad.’
‘En jij pleegt een aanslag op Brandt,’ zegt ze verstrooid.
‘Denk je?’
Ze lacht.
‘Nee, dat zie ik niet voor me,’ zegt ze.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
414. Epiloog
[ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...
-
[Wat voorafging] De map met stukken over de arrestaties in Zehlendorf ligt helemaal onder op de stapel. Uit de dagtekening blijkt dat hij al...
-
[Wat voorafging] Tien, twintig jaar christendemocratie. Boot-Jürgens’ wandelstok tikt, terwijl hij terug naar huis loopt, woedend zijn stap...
-
[Wat voorafging] Ze drinken koffie aan de Rathausufer, bij de Oude Haven. Onder jagende wolken waaruit zo nu en dan een spatje regen valt. D...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten