Konopka denkt na en zegt dan bedachtzaam: ‘Wij zijn samen partijlid geweest. Wij weten wat discipline is. Toen wij kozen voor een breuk met de partij, mocht je verwachten dat wij wisten wat we deden. Je mocht verwachten dat wij niet de eersten zouden zijn om te vervallen tot defaitisme.’
Schöngeist heeft zijn tranen weggeveegd, en hij recht zijn rug.
‘Wat was…’ Konopka slikt. Haar keel zit helemaal dicht. ‘Wat was dat voor telefoontje?’ vraagt ze.
‘Wat voor telefoontje?’
‘Gisteren. In Bad Rothenfelde. Wie heb je opgebeld? Heb je nog contacten met de partij? Was het iemand uit de zone? ‘
Dat was het niet. Schöngeist bekent zonder mankeren iets wat Konopka tot dat moment schoon is ontgaan. Hij is homoseksueel. Hij heeft in Rothenfelde een vriend gebeld, in Berlijn. Om hem te vragen of hij bij hem terecht kan als hij de beweging verlaat.
Maar dat wordt rechtgezet. Irmgard Konopka herstelt de kaderdiscipline. En ruimt later, samen met Schöngeist en Teeny, voor de eerste keer sinds de groep er zijn intrek heeft genomen, het grote, rommelige refter grondig op. Zodat het er ordelijk en goed georganiseerd uitziet als de anderen terugkomen.
dinsdag 8 augustus 2023
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
414. Epiloog
[ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...
-
[Wat voorafging] Tien, twintig jaar christendemocratie. Boot-Jürgens’ wandelstok tikt, terwijl hij terug naar huis loopt, woedend zijn stap...
-
Vrijdag 9 oktober 1970. Berlijn. We zijn in de woning aan de Gierkeplatz van Rudolf Otto Boot-Jürgens. Professor Doktor. Emeritus. Boot-Jürg...
-
[Wat voorafging] Het Roodfront, de Staüberle-Konopka-groep, is voor het Bureau van Emmerich Gerhard een hoge, misschien wel de hoogste prior...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten