‘Je kunt maar beter niet teveel met hem omgaan,’ zei Gerhard nors.
Ze keek hem aan, schalks, een ander woord was er niet voor. ‘Aha,’ zei ze. En na een korte pauze: ‘Bad cop?’
‘Hoe bedoel je?’
‘En jij zelf?’
‘Ik werk voor de ...’
‘Douaneopsporingsdienst.’
Hij spreidde zijn handen.
‘Onschuldiger is er niet,’ zei ze ironisch.
‘We houden ons hoofdzakelijk bezig met het verzamelen van inlichtingen.’
‘Over mij?’
‘Over jou niet.’
‘En je bent NPD?’
Hij keek haar stomverbaasd aan. NPD was de Nationalpartei Deutschland. Een nogal verkeerde politieke partij. Een stelletje fascisten, dat stiekem de Hitlergroet bracht, en dat masturbeerde voor hakenkruisvlaggen. Uitschot.
‘Hoe kom je daar bij?’
Ze haalde haar schouders op. ‘Zijn jullie niet allemaal NPD?’ zei ze.
Hij lachte vermoeid. ‘Dat is nou een typisch links vooroordeel,’ zei hij.
‘Hij is anders wel NPD,’ zei ze.
‘Hij? Metzger?’
‘Stan,’ zei ze ironisch. ‘Of denk je dat dat ook een vooroordeel is?’
‘Ik weet het niet,’ zei hij voorzichtig. ‘Hij was iets bij de Verfassungsschutz. Ik heb wel eens met hem samengewerkt. Maar daar is hij nu weg.’ Hij haalde zijn schouders op. ‘Het zou kunnen. Maar wat heb ik daar mee te maken?’
‘Een bad cop,’ herhaalde ze, nu op besliste toon.
‘Géén cop,’ zei Gerhard nadrukkelijk.
Maar hij voelde zich weer onbehaaglijk.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten