woensdag 21 september 2022

73. Kneipe

[Wat voorafging]

Het dessert komt. En daarna koffie met cognac. Bödel praat nog wat door. Over de politieke situatie. Brandts Oostpolitiek. De problemen waar het Kriminalamt mee worstelt. De tegenwerking vanuit de Bondslanden. De neiging tot alleingang van plaatselijke rechercheafdelingen. Gerhard luistert niet. Hij denkt koortsachtig na. De extremisten van wapens voorzien. Ze sturen. Is dat mogelijk? Het komt neer op infiltratie. Iemand in de Staüberle-Konopka-groep parachuteren die in staat is invloed uit te oefenen. Maar wie? Hoe? Hij denkt aan het gesprek dat hij heeft gevoerd met Klug. De Berlijnse infiltratiepogingen, die mislukt zijn. Omdat er gebruik is gemaakt van min of meer professionele infiltranten. Moet hij naar Berlijn en die hele treurige weg opnieuw bewandelen? Moet hij proberen iemand in de groep te droppen die Staüberle kan helpen een volkswagenbusje om te bouwen tot een helikopter? Maar waarvoor? Om Lösch uit de gevangenis te halen? Uitzichtloos.
Of het moet zijn…
Bödel keuvelt op zijn gemak door. Hij heeft een sigaar opgestoken en draait het ding met welbehagen onder zijn neus terwijl de woorden hem over de lippen vloeien.
‘Er is iets voorgevallen in Keulen,’ zegt Gerhard plompverloren.
Bödel zwijgt en kijkt hem aan.
‘Gisteren,’ gaat hij verder. ‘Een rare geschiedenis, iets met een kidnapping. Ik zag het vanmorgen in de post. Een knaap die samen met een meisje een poging heeft gedaan om een jongetje te kidnappen. De bedoeling was dat ze het zoontje zouden ontvoeren van Charlene Parker, je weet wel, die Amerikaanse zangeres. Maar het draaide erop uit dat ze aan de wandel gingen met het zoontje van haar kapster. ‘
Bödel legt zijn sigaar op de asbak. ‘Ja?’
‘Ze zijn opgepakt. En het meisje heeft verklaard over Irmgard Konopka.’
‘Over Konopka?’
‘Het is allemaal nogal vaag, maar in Keulen denken ze dat die kidnapping is uitgevoerd in opdracht van de Staüberle-Konopka-groep. Het idee zou zijn om de vrijlating te eisen van Hermann Lösch, je weet wel, die vorige week gearresteerd is.’
‘Aha,’ zegt Bödel, ‘dat is interessant, he?’
‘Maar onwaarschijnlijk.’
‘Vind je?’
‘Ik weet het niet. Ik zou me erin moeten verdiepen.’
‘Ja, doe dat,’ zegt Bödel. ‘Doe dat maar.’
‘Met alle kans dat het loos alarm blijkt te zijn.’ Gerhard heeft plotseling spijt van zijn inval. Maar Bödel blijft hem aankijken.
‘Het dossier ligt bij Kaminsky,’ sputtert hij nog tegen.
‘Kaminsky?’
‘Die houd zich bij ons bezig met het Roodfront.’
‘Nee, nee, die halen we er vanaf.’
‘Het is sowieso een ingewikkelde geschiedenis. Het is in handen van de Binnenlandse Veiligheidsdienst.’


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...