vrijdag 23 september 2022

75. Terugreis

[Wat voorafging]

De volgende ochtend gaat Gerhard onmiddellijk na het ontbijt naar de bank, om de nummerrekening te controleren. Die is geopend, maar er staat nog geen geld op. Hij wandelt naar het station en koopt een kaartje naar Bonn. De reis duurt lang. De trein bonkt en schudt. Het landschap, onder een miezerige herfstregen, schuift onwillig voorbij. Hij kan niet goed denken. Hij heeft natuurlijk al veel te veel gedacht. Die nacht in zijn hotelkamer heeft hij nauwelijks een oog dichtgedaan. Het was waarschijnlijk omdat Bödel over haar was begonnen, maar zodra hij in bed lag kwam Irmgard Konopka zijn gedachten bezetten. Destijds, in ‘65, was ze een paar keer begonnen over de clandestiene operaties van sectie 4. Zowel op Sylt als later, toen ze hem versierd had in de villa in Blankenese.
Na de seks in Blankenese had Irmgard Konopka het contact niet beëindigd. Een vaste relatie was het nooit geworden. Hun verhouding bestond uit incidentele ontmoetingen, die nooit van hem uitgingen, maar altijd van haar. Als ze zin in hem had, denkt hij. Dan belde ze hem. Gewoon op zijn werk. Altijd heel kortaf. Ze zei nooit wie ze was. Alleen een plaats en een tijdstip. In het begin belde ze vaak. In de eerste weken na Blankenese vier keer. Daarna met grotere tussenpozen, soms drie weken, soms vier, vijf of zelfs zes. Eén keer gingen er drie maanden voorbij, waarin hij alleen in de aan haar verslaafde pers zo nu en dan een glimp van haar bestaan opving.
Als ze elkaar ontmoetten, was dat in openbare gelegenheden. Horeca. Een café, een lunchroom, soms een cafetaria, of een Italiaans of Chinees restaurant. Ze dronken wat, soms aten ze samen. Soms gingen ze daarna wandelen. Als haar hoofd daarnaar stond. Aan de Wallgraben, tussen de bloembedden. Of een enkele keer in de Hortus Botanicus, ver weg, voorbij Altona. Of in het Jenischpark, waar hij haar een keer neukte in een soort blokhut, op een van de ruwhouten banken die langs de kant waren gespijkerd. Amicis et quieti, stond er op de ingang. ‘Gewijd aan vrienden en rust,’ had ze vertaald. Echt Duits. Op de deurpost stond een grote 5, die ze niet kon verklaren. Eén keer, in de zomer van ‘66, neukten ze achter een meertje, tussen hoog opstaande moerasspirea, met haar plastic regenjas onder hen. Soms in een hotel, of in een motel, ergens langs een snelweg. Een enkele keer gingen ze naar de villa, waar nooit iemand thuis leek te zijn. En waar ze, onmiddellijk als ze binnenkwamen, naar de slaapkamer liep, en een plaat opzette. Als ze geneukt hadden, bovenop het grote bed met de donkergroene sprei, bleven ze naar de muziek liggen luisteren. Wagner. Of Mahler. Of vreemde expressionistische muziek, die je door merg en been ging. Zij was het die hem van Alban Berg had leren houden.
Handelde Konopka in opdracht? Nee, dacht Gerhard. In ieder geval niet meer op dat tijdstip. Misschien wisten haar bazen inmiddels wat ze weten wilden. Maar misschien had ze het ook helemaal nooit in opdracht gedaan. Ze was als puntje bij het paaltje kwam totaal ondoorgrondelijk.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...