Adalbert Fischler grijpt naar de telefoon en belt een intern nummer. Even later schuift Kaminsky behoedzaam de kamer binnen.
‘Gerd, wat is er aan de hand?’
Kaminsky kijkt hem vanonder dikke oogleden aan.
‘Problemen,’ zegt hij zwaarwichtig.
Problemen, problemen? Wat voor problemen?
‘Gerhard is op eigen houtje een onderzoek begonnen.’
‘Gerhard is wat?’
‘Hij is hier gisteren voor het laatst geweest. Zei dat hij voorlopig niet op kantoor is.’
‘Wat is dat nou weer.’
‘Hij zei dat ik hem de Roodfrontstukken moest overdragen.’
‘De Roodfrontstukken?’
‘Die ik onder mijn beheer heb.’
‘Nee, nee. Daar komt niets van in,’ zegt Fischler boos.
‘Ik heb ze niet afgestaan,’ zegt Kaminsky.
‘Daar heb je heel goed aan gedaan.’
‘Maar hij heeft ze toch meegenomen.’
‘Wat!’
‘U wist daar helemaal niets van?’
‘Nee, daar wist ik helemaal niets van.’
‘O. Nou dan is er dus stront aan de knikker,’ zegt Kaminsky.
Als hij is vertrokken, grijpt Fischler opnieuw naar de telefoon.
Hij kijkt even in zijn interne telefoongids en draait dan het kengetal van Wiesbaden.
zaterdag 5 november 2022
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
414. Epiloog
[ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...
-
[Wat voorafging] De map met stukken over de arrestaties in Zehlendorf ligt helemaal onder op de stapel. Uit de dagtekening blijkt dat hij al...
-
[Wat voorafging] Tien, twintig jaar christendemocratie. Boot-Jürgens’ wandelstok tikt, terwijl hij terug naar huis loopt, woedend zijn stap...
-
[Wat voorafging] Ze drinken koffie aan de Rathausufer, bij de Oude Haven. Onder jagende wolken waaruit zo nu en dan een spatje regen valt. D...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten