dinsdag 17 januari 2023

191. Hohenfels

[Wat voorafging]

‘En ik zou je daarbij drie richtlijnen willen meegeven,’ vervolgt Von Hohenfels bedachtzaam. ‘De eerste is uiteraard dat excessieve maatschappelijke onrust als onwenselijk beschouwd moeten worden. Zeker met het oog op de internationale politieke krachtverhoudingen. Als tweede: het is van het grootste belang dat ongeleide projectielen als Christian Staüberle en mevrouw Richter, eigenlijk tot iedere prijs, en zo snel mogelijk, onschadelijk worden gemaakt…’
Von Hohenfels zwijgt, en wijst naar een groengeverfd bankje dat, ter hoogte van de Kaiser-Friedrich-Straße, uitkijkt over de rivier.
Ze gaan zitten.
‘En de derde?’ vraagt Kaminsky nors.
‘De derde is dat mevrouw Konopka, als dat even mogelijk is, beschermd moet worden.’
‘Irmgard Konopka?’ barst Kaminsky verontwaardigd uit.
Von Hohenfels zwijgt.
‘Maar dat is de ergste,’ zegt Kaminsky.
‘Zij is een speciaal geval,’ zegt Von Hohenfels.
‘Ze heeft haar man in de steek gelaten. Zonder haar zou er helemaal geen Roodfrontprobleem bestaan.’
‘Ze heeft belangrijke verdiensten.’
‘Ha!’ grauwt Kaminsky. ‘Je denkt toch niet dat ik ook maar een greintje respect heb voor die vrouw?’
Von Hohenfels zet zijn bril af en poetste de glazen zorgvuldig op.
‘Beste vriend,’ zegt hij, ‘we spelen allemaal de rol die we moeten spelen.’
Hij haalt een notitieboekje uit zijn binnenzak en begint bedachtzaam aantekeningen te maken.
‘Ja, ja,’ zegt hij. ‘Ja, ja.’
Hij bergt het boekje weer op.
‘Luister Gerd,’ zegt hij. ‘Dit is allemaal niet oninteressant. Niet iets voor de Commissie van toezicht, zou ik denken. Nee, dat denk ik niet. Maar interessant genoeg om er iets mee te doen. Ik moet er nog eens goed over denken. Maar ik neem aan dat het de moeite waard is dit alles onder de aandacht van, laat ik zeggen, de bevoegde instanties te brengen.’

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...