‘Slagpijpjes? Jazeker,’ zei die dienstwillig. ‘Wat voor slagpijpjes had Herr Gerhard op het oog?’
‘Doe maar de simpelste,’ zei Gerhard. Wanneer konden ze geleverd worden? Vanmiddag?
Geen probleem.
Hij gaf de man het adres van het steunpunt, en instrueerde Karl om de pijpjes nog dezelfde dag af te leveren. In Oberhausen. Ja, aan het café waar Schneider een kamer huurde.
In de praktijk werd het donderdagmorgen voor de Wehrmacht leverde, maar het pakje werd nog dezelfde ochtend doorgeleverd. Hij had het afgegeven aan de bar van het café, meldde Hannes. Vrijdagmorgen was Gerhard weer in Oberhausen, en hoorde daar tot zijn ergernis dat het observatieteam na woensdag de surveillance had afgebroken. Ze waren een hele dag op hun post gebleven, zei Dehmel, maar de vogel was kennelijk gevlogen.
Ja, ja.
En vrijdagavond was de bom gebarsten. Letterlijk en figuurlijk. Gerhard werd tegen negenen op zijn thuisadres gebeld door Rochus Winckelmann, van de Verfassungsschutz in Düsseldorf. Waar was zijn informant?
‘Wat is er aan de hand?’
‘Stront!’ zei Winckelmann. ‘Je kunt maar het beste als de sodemieter hierheen komen.’
Geen opmerkingen:
Een reactie posten