dinsdag 28 februari 2023

233. Gerhard

[Wat voorafging]

Als hij terug is in Keulen, belt hij een escortservice en zet daarna de orkeststukken van Berg op. Het meisje is er al voor vier uur. Hij laat haar binnen en ziet hoe ze opmerkzaam om zich heen kijkt. Het matzwart en -wit van de wanden in zich opneemt en het meubilair. De tafels van zwart glas, de indirecte verlichting.
Ze is niet lang. Stevig gebouwd, en heeft halflang donker haar.
Ze trekt haar jas uit en laat haar verleidelijkheid bewonderen.
‘Je mag me Gerhard noemen,’ zegt hij.
‘Dat is goed,’ zegt ze, zonder een eigen naam te noemen. ‘Wat is dat voor muziek die je op hebt staan?’
‘Alban Berg.’
‘Ah,’ zegt ze. ‘Tweede Weense school.’
‘Pardon?’ zegt hij verbaasd.
‘Ik ben muziekstudente.’
‘Ken je zijn muziek?’
Ze maakt een grimas. ‘Ik heb erover gelezen,’ zegt ze.
Mooi?
Ze haalt haar schouders op.
Hij neemt haar jas aan, en hangt die aan de kapstok.
‘Je verdient er dus wat bij?’ zegt hij.
‘Of is dat verboden,’ zegt ze.
Hij voelt zich op het verkeerde been gezet. In de hoek gedreven door dit jonge vlees. ‘Nee, nee,’ zegt hij. ‘Maar ik dacht, zo in de middag, het is wel een rare tijd.’
Ze haalt haar schouders op. ‘Mensen hebben op de raarste tijden behoefte aan gezelschap,’ zegt ze.
‘Ik bedoel…’ zegt hij.
O, wat onhandig.
‘Op van die ongewone tijden zullen jullie wel niet veel te doen hebben,’ zegt hij lam.
‘Dan zijn er ook minder meisjes,’ zegt ze.
‘Maar gelukkig ben jij er.’
Ze kijkt hem nu koket aan. ‘Anders was er wel iemand anders geweest,’ zegt ze.
‘Ik ben blij dat jij er bent,’ zegt hij steeds onhandiger. Hij pakt haar bij de arm en draait haar om, om haar van achteren te bekijken. ‘Je bent mooi,’ zegt hij.
Ze lacht gevleid.
‘Kan ik je niet houden?’
‘Idioot.’
De muziek is gestopt. Hij loopt naar de pick-up om de plaat om te draaien.
‘Of laten we anders op vakantie gaan.’
‘Dat is zeker een grapje.’
‘Weg van de beslommeringen van alle dag. In Zuid-Italië is het nog mooi weer.’
‘Je weet niet waar je over praat,’ zegt ze. Maar ze aarzelt. Ze weet ineens niet meer of hij het niet meent. ‘Dat kost een bom duiten, hoor.’
‘Maar kan het?’
‘Hoezo, kan het?’
‘Ik neem aan dat je deel uitmaakt van een organisatie.’
‘Ik bepaal zelf wat ik doe.’
‘Zeg het maar.’
‘Wat?’
‘Hoeveel?’
‘300 DM,’ zegt ze zonder aarzelen.
‘Voor een week?’
‘Voor een dag.’
‘Maak er vierhonderd van,’ zegt Gerhard.
‘Wat een klets,’ zegt het meisje. Ze kijkt hem onderzoekend aan. ‘Of heb je heel veel geld?’ Ze denkt even na. ‘Ben je soms politiek?’ zegt ze dan.
‘Niet politiek,’ zegt hij nors.
Ze krabbelt haastig terug. ‘Neem me niet kwalijk. Business?’
‘Ik heb gewoon behoefte aan vakantie.’
‘Wanneer?’
‘Nu.’
‘Jij bent echt gek.’
Hij grijpt naar de telefoon, maar ze legt haar hand op de hoorn.
‘Doe maar niet, darling,’ zegt ze.
Hij pakt haar bovenarm en kust die. Ze trekt haar arm terug, en lacht. Haar geur. De nabijheid van haar vrouwenvlees is bedwelmend. Maar hij bedwingt zich en duwt haar tegen de tafel. Hij moet zorgen dat ze niet definitief de overhand krijgt.
‘Je moet niet denken dat ik aardig ben,’ zegt hij waarschuwend.
‘O darling, nee, dat denk ik helemaal niet,’ zegt ze.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...