De droom is een verwerking, beseft Konopka, van de penibele omstandigheden waarin ze verkeren. Op 19 en 20 november zullen de groepsleden uit Berlijn naar Frankfurt komen, en ze is er weliswaar in geslaagd op diverse plekken in de bondslanden groepen medestanders te mobiliseren en veilige huizen te organiseren, maar juist op de plaats waar de groepsleden zullen samenkomen, in Frankfurt, is niets geregeld, een tekortkoming die Karsten Raabe, een dag tevoren in Rühle neergestreken, haar in woedende bewoordingen onder ogen heeft gebracht.
En dan is er ook nog de belachelijke gotspe met Schneider, die, na het echec bij Dethlingen, ditmaal op de proppen is gekomen met een vage groep subversieven in het Rijnland die de Roodfrontgroep niet alleen alle wapens kunnen leveren waaraan ze behoefte hebben, maar die hen ook willen meeslepen in wilde plannen voor een aanslag op Willy Brandt.
Irmgard Konopka heeft gedaan wat onder de omstandigheden het enig juiste was, ze heeft Schneiders voorstellen keihard van de hand gewezen. Maar daarmee is de zaak niet afgedaan. Want Schneiders voorstel roept natuurlijk een zwerm vragen op die in aanwezigheid van Kranz en Raabe niet gesteld konden worden. Vragen over de politieke identiteit van de mensen die Schneider dit krankzinnige voorstel hebben gedaan. Waar zitten ze? Hoe kent hij ze? Heeft het te maken met zijn drugzaken? Weten Eva en Hans hier vanaf?
Bovendien, hoe je het ook wendt of keert, de behoefte binnen de beweging aan wapens is, zoals Raabe niet heeft verzuimd te benadrukken, maar al te reëel. Konopka zelf heeft een vuurwapen. Hans, Eva. En de groep Lösch heeft de hand weten te leggen op een paar Spaanse Llama-pistolen, maar die zijn voor zover ze weet geconfisqueerd bij Lösch’ arrestatie. Verder zijn er twee of drie luchtbuksen, maar dat is het wel zo’n beetje. De bewapening is een serieus probleem. Ze heeft de kwestie niet voor niets bij Roland Krämer, haar Oost-Duitse contactpersoon, ter sprake gebracht. Krämer beloofde haar een contact met PLO-vertegenwoordigers die konden helpen. Ook in Frankfurt. Morgenavond, in een café Am Westend. Hoe ze het moet klaarspelen daar te verschijnen bij alle problemen rond de aankomst van de Berlijners kan ze zich maar nauwelijks voorstellen.
Konopka keert zich om en om in het grote tweepersoonsbed waarin ze tegenwoordig godzijdank alleen ligt, en schudt verwoed haar hoofdkussen op, maar ze blijft uren wakker voor ze uiteindelijk tegen de ochtend in slaap valt.
Als ze wakker wordt, maakt Raabe al aanstalten om naar Frankfurt te vertrekken, waar hij de eerste Berlijners zal opvangen, en zal proberen haar falen zo goed en kwaad als het gaat te verhelpen. Tegen elf uur is ook Irmgard Konopka zelf klaar om te vertrekken. Het plan is dat ze met Kranz naar het nabijgelegen Colmbach zal rijden, om daar de NSU op te pikken die ze een week geleden op een parkeerplaats hebben achtergelaten, om vervolgens met twee auto’s naar Frankfurt te rijden.
Schneider moet in Rühle blijven.
Van Schneider nemen ze afscheid.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
414. Epiloog
[ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...
-
[Wat voorafging] De map met stukken over de arrestaties in Zehlendorf ligt helemaal onder op de stapel. Uit de dagtekening blijkt dat hij al...
-
[Wat voorafging] Tien, twintig jaar christendemocratie. Boot-Jürgens’ wandelstok tikt, terwijl hij terug naar huis loopt, woedend zijn stap...
-
[Wat voorafging] Ze drinken koffie aan de Rathausufer, bij de Oude Haven. Onder jagende wolken waaruit zo nu en dan een spatje regen valt. D...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten