Als december eenmaal goed en wel is begonnen, denkt Magda even dat de ergste crisis voorbij is. Sinterklaas is goed verlopen. De jongens waren dolblij met de stortvloed van cadeautjes die ze voor hen hadden ingepakt. Ze vroegen niet naar hun vader. En na sinterklaas gingen ze weer naar school. Herr Dr. Weininger heeft al een tijdlang niets van zich laten horen en Sophies moeder hebben ze naar het zich laat aanzien definitief van zich afgeschud. Het beeld van Hans-Peter die dronken op straat stond te schreeuwen is al aan het vervagen, wordt naar de achtergrond gedrongen door andere, plezieriger gebeurtenissen. Sophie is nog steeds een beetje lusteloos, maar dat wordt iedere dag beter. Ze went aan haar toekomst, zoals Penny het noemt. Penny zelf werkt hard aan haar boek en in de dagelijkse omgang lijken de scherpe randjes van haar boosheid er een beetje af te gaan. Pais en vree, denkt Magda soms hoopvol. Pais en vree. Er lijkt weinig reden om er niet in te geloven dat alles uiteindelijk in pais en vree zal eindigen.
Maar woensdag is het weer Penny die roet in het eten strooit. Het is laat in de middag. Magda heeft een stoofschotel in de oven staan, en is in de huiskamer gaan zitten, waar ook Sophie is met de jongens. Ludi zit te tekenen met waskrijt, wat hem niet bijzonder goed afgaat. Ludi is, daar kun je lang of kort over praten, maar feiten zijn feiten, wat achter in zijn ontwikkeling. Wat er ontstaat is niet veel meer dan een warboel van krassen.
Bernd is er niet tevreden mee. ‘Wat is dat nou weer,’ zegt hij laatdunkend.
‘Het is wat het is,’ zegt Ludi verdedigend.
‘Maar wat is het?’ houdt Bernd aan. ‘Ik vind het gewoon stom gekras.’
‘Het is geen stom gekras,’ roept Ludi boos.
‘Het is…’ begint Bernd met stemverheffing.
‘Het is Leonardo da Vinci,’ zegt Ludi triomfantelijk. ‘En hij zit vast aan zijn spinnenwiel.’ Hij aarzelt even. ‘En hij kan niet bij zijn schilderij komen,’ voegt hij er aan toe.
‘Het is prachtig!’ zegt Magda.
Maar Bernd barst uit in een schadelijk gelach en Ludi begint te gillen en stort zich met zwaaiende armen en benen op hem. Terwijl de jongens woedend vechten en Magda ze uit elkaar probeert te trekken, stormt Penny de kamer binnen.
‘En nou is het genoeg,’ gilt ze. ‘Nou is het echt genoeg.’
De jongens houden als bij toverslag op met vechten en kijken naar Penny.
Ook Magda draait zich om.
‘Hoe kan ik in deze chaos in vredesnaam werken!’
‘O Penny,’ zegt Sophie verontschuldigend.
Maar Penny is niet te paaien. Ze verlaat de kamer en knalt de deur achter zich dicht. En deze keer is het ernst, want een paar uur later komt er een taxi voorrijden, en Penny sleept met veel kabaal koffers en dozen van de trap, en laadt die met hulp van de chauffeur in de kofferruimte en op de achterbank van de auto.
Als de stoofschotel klaar is, zijn ze nog maar met zijn vieren.
zaterdag 8 juli 2023
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
414. Epiloog
[ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...
-
[Wat voorafging] De map met stukken over de arrestaties in Zehlendorf ligt helemaal onder op de stapel. Uit de dagtekening blijkt dat hij al...
-
[Wat voorafging] Tien, twintig jaar christendemocratie. Boot-Jürgens’ wandelstok tikt, terwijl hij terug naar huis loopt, woedend zijn stap...
-
[Wat voorafging] Ze drinken koffie aan de Rathausufer, bij de Oude Haven. Onder jagende wolken waaruit zo nu en dan een spatje regen valt. D...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten