woensdag 31 mei 2023

310. Een politieke factor

[Wat voorafging]

Het meest verontrustend zijn de geruchten die de omloop doen. Kranz is degene die Konopka ervan op de hoogte brengt. ‘Frau Anna,’ zegt hij, ‘die aanslag…’
‘Welke aanslag?’
‘Die aanslag op Brandt…’
‘Ik volg je niet.’
‘U weet wel,’ zegt hij, ‘dat idee van Schneider. Gaat dat nu toch gebeuren?’
‘Nee natuurlijk niet.’
‘Ze zeggen anders van wel.’
‘Wie zeggen van wel.’
Kranz maakt een weids gebaar. ‘Iedereen,’ zegt hij.
‘Iedereen?’
‘Nou ja, niet in het open natuurlijk. Ze weten allemaal hoe u daar over denkt.’
‘Die aanslag, dat is onzin, Uwe,’ zegt ze. ‘Met dat soort dingen houden wij ons niet bezig.’
‘Nee, dat dacht ik al,’ mompelt hij.
En hij komt er niet meer op terug.
Maar haar gedachten gaan natuurlijk onvermijdelijk naar Mehmet Schneider. Ze heeft de blonde Rijnlander in Rühle in feite buiten spel gezet. Hoe is het mogelijk dat het idee van de aanslag nu toch weer de kop opsteekt! Heeft Schneider de zaak buiten haar om toch met Eva besproken? Konopka spreekt Raabe aan over wat Kranz haar verteld heeft. Maar Raabe slaat nauwelijks aan. ‘Brandt?’ vraagt hij. ‘Dat doet de ronde?’ Maar dat heeft ze toch van de hand gewezen? Nee, hij heeft geen flauw idee waar dat vandaan komt. Van Eva? Maar hoe dan? Aha. Ja, misschien. Ja, als Eva dat te weten is gekomen, dat zou alles verklaren. Maar dan weet inmiddels de halve Bondsrepubliek er van.
Dan heeft Anna een probleem, he?
Konopka klapt dicht.
En Raabe wijdt zich monkelend weer aan zijn eigen bezigheden.


dinsdag 30 mei 2023

309. Een politieke factor

[Wat voorafging]

Meer komen ze pas te weten als vanaf zes uur de andere groepsleden uit Berlijn binnendruppelen. Helmut Schöngeist arriveert als eerste, in het gezelschap van Teeny. Schöngeist is bleek en stil, maar Teeny is opgefokter dan Konopka haar ooit eerder heeft gezien. Ze rijdt in Konopka’s donkergroene Volkswagen, die een lelijke schuurplek heeft opgelopen op het voorspatbord. Maar Teeny wuift dat weg. ‘Ongelukje,’ zegt ze. ‘Niet belangrijk.’
Hans en Gretel zelf arriveren pas tegen acht uur. In een BMW, met een kofferbak vol geld. Ze verdwijnen onmiddellijk met Liliane naar haar vrienden - die natuurlijk doodsbang zijn, maar het uiteindelijk niet aandurven de revolutionaire kopstukken onderdak te weigeren. De laatste Berlijners zijn Andrea Tielmeyer en Herbert Schultz, twee nieuwe gezichten. Zij komen per vliegtuig, maar ze verdwalen op weg van het vliegveld naar het Hauptbahnhof, en kunnen pas ‘s avonds laat worden opgepikt.
Paniek, paniek, paniek. De bungalow in Wörth blijkt een duurbetaald krot, met maar drie bedden en sanitaire voorzieningen die nauwelijks die naam mogen hebben. Hans en Gretel blinken uit door afwezigheid. De groepsleden zijn onhandelbaar. Raabe is niet in staat leiding te geven, Teeny is permanent door het dolle heen en Schöngeists apathie is zorgwekkend. Andrea en Herbert zitten ieder in een eigen hoek te mokken. Ze kunnen het slecht met elkaar vinden.
Na de eerste nacht, die de meeste groepsleden rillend, in dekens gewikkeld, op de vloer doorbrengen, vertrekt Uwe Kranz met Bauschwitz naar Colmbach, om de NSU op te halen en matrassen en dekens uit de safehouses in Heidelberg, Manderscheid en Keulen. Die avond wordt er een Matratzenlager ingericht en kan er eindelijk fatsoenlijk worden geslapen. Maar de stemming wordt er niet beter op. Maandag probeert Konopka een scholing te organiseren, maar daar is geen belangstelling voor. Er wordt wel veel in groepjes gepraat. En geschreeuwd.



maandag 29 mei 2023

308. Een politieke factor

[Wat voorafging]

Het eind van het liedje is dat Raabe met zijn gevolg afdruipt naar vrienden van Liliane, een echtpaar met twee jonge kinderen, dat doceert aan de universiteit. Konopka zelf en Kranz slapen die nacht in een hotel, waar ze tot in de kleine uurtjes monopoly spelen. De volgende ochtend staan ze om negen uur opnieuw bij het afgesproken verzamelpunt op het Hauptbahnhof. Bauschwitz verschijnt daar al tegen tienen. Hij is die nacht met de auto uit Berlijn vertrokken. Wanneer de anderen komen? Hij weet het niet. Er is in Berlijn nog iets gaande. Maar daar is niet iedereen bij betrokken. Waar worden ze ondergebracht?
Opnieuw ruzie. Geschreeuw. Tot Konopka daar een eind aan maakt en met Kranz vertrekt om iets te regelen. En dat lukt ook nog. Via een makelaar weet ze een vakantiebungalow te huren in Wörth, een kilometer of vijftig ten zuidoosten van de stad.
Als ze halverwege de middag terugkomen bij het Hauptbahnhof is daar van de andere groepsleden nog niemand gearriveerd. Bauschwitz zit met Raabe, Liliane en Astrid bier te drinken in de stationsrestauratie. De sfeer is nog steeds om te snijden. Zelfs Bauschwitz heeft het virus opgelopen. Ja, snauwt hij, hij heeft naar Berlijn gebeld. Ze zijn op weg. Maar het nieuws is niet goed. Hans heeft met Schöngeist en onduidelijke ‘anderen’ die ochtend een overval uitgevoerd op een bankfiliaal. Er is daarbij veel geld buitgemaakt, maar er is ook het een en ander misgegaan.



zondag 28 mei 2023

307. Een politieke factor

[Wat voorafging]

In Frankfurt verlopen de zaken in eerste instantie soepeler dan ze had verwacht. Ze vinden zelfs tijd om naar de middagvoorstelling van een film te gaan en iets te eten, voor ze om kwart over acht het café Am Westend binnenkomen waar, precies zoals afgesproken, vertegenwoordigers van de PLO op hen wachten. Van een van de tafeltjes staat een gezette, ongeveer dertigjarige man op, met intelligente bruine ogen. Hij komt snel en zelfverzekerd op hen af en troont hen mee naar de andere twee heren van het gezelschap. Baardige mannen, goedgekleed, die er uit zien als geslaagde handelaars in tweedehands goederen – geen antiquairs misschien, maar beslist ook geen ordinaire uitdragers. 
Glad zijn ze wel. Konopka onderhandelt taai en boos over de paar handvuurwapens die ze aan de beweging kunnen leveren, en sluit de onderhandelingen uiteindelijk met succes af. Maar als zij en Kranz tegen elven, op het laatst afgesproken tijdstip, op het Frankfurter Hauptbahnhof arriveren, breekt daar onmiddellijk de pleuris uit. Karsten Raabe is inmiddels in het gezelschap is van zijn vriendin Liliane en van een nurks hippie-meisje, een nieuw groepslid dat luistert naar de naam Astrid. Liliane en Astrid zijn die middag als kwartiermakers aangekomen uit Berlijn. Raabe is in een duivels humeur. Kwart over elf, schreeuwt hij, op zijn horloge tikkend. Kwart over elf.
Konopka verontschuldigt zich. Het lukte echt niet eerder.
‘En hoe moet het nu? snauwt hij. Er is hier niets, weet je, helemaal niets. Terwijl morgen…
‘Ja, ja, bitst Konopka.
‘Waar moeten de Berlijners worden ondergebracht?
‘Weet ik veel.’ Konopka is lichamelijk en geestelijk bekaf, en niet in staat de discussie over te doen die ze gistermiddag ook al gevoerd heeft. Kranz bemoeit zich ermee. ‘Er is toch plaats genoeg,’ brengt hij onhandig in het midden. ‘We hebben het huisje in Rühle. Er is een huis in Hannover.’ En er kunnen mensen in Keulen ondergebracht worden. En in Heidelberg. En je hebt ook het weekendhuisje van Louis, zegt hij Konopka aankijkend. In Manderscheid. Dat is heel comfortabel.
Konopka wendt zich af, maar Raabe legt een hand op haar arm, en schreeuwt haar kwaad in het gezicht. ‘Er is niets geregeld, Anna. Er is niets geregeld godverdomme!!’ Liliane probeert hem te kalmeren, maar hij is helemaal door het lint. De afspraak was toch duidelijk? Of niet soms? De twintigste. De twintigste. En in Frankfurt. Daar zouden ze zich verzamelen. Om er te discussiëren en de strategische lijnen uit te zetten waarlangs ze verder te werk zouden gaan. Op basis van Anna´s voorstellen. Dat was de afspraak. He? Van Anna´s voorstellen. Maar er zijn natuurlijk ook geen voorstellen.

zaterdag 27 mei 2023

306. Een politieke factor

[Wat voorafging]

Als ze aankomen in Colmbach loopt het helemaal uit de hand. Konopka stapt met een sigaret in de mond uit Kranz’ busje, en loopt naar de blauwe NSU, die als enige personenwagen tussen een paar vrachtwagencombinaties op de parkeerplaats staat. Ze heeft de autosleutels al uit haar handtas gehaald, als uit een zijstraat een groenwitte Funkwagen van de Landespolizei komt aanrijden. De agenten stappen uit en houden haar aan. Ze vragen naar haar papieren. Ze trapt haar sigaret uit op de stoep, en zoekt, met de autosleutels nog in haar hand, zenuwachtig in haar handtas. De autopapieren. Het paspoort. Het portret van Sabine Mehling, dat maar vaag op haar lijkt. De agenten bekijken de papieren wantrouwend. Ze vragen uitleg. Ja, zegt ze, ze is onderwijzeres. Nee, ze werkt niet. Ze heeft ziekteverlof. De auto is van een kennis. Nou ja, geen kennis, ze heeft hem geleend van iemand anders. Een kennis van een kennis eigenlijk. Ze steekt een nieuwe sigaret op. Ze rammelt met de autosleutels. De agenten nemen haar, ondanks haar protesten, mee naar hun auto, en zetten haar op de achterbank, terwijl ze via de radio inlichtingen inwinnen. Kranz kijkt toe vanachter zijn stuur. Hij heeft zijn motor uitgezet, en kauwt op de lucifer, die hij, sinds hij met roken is gestopt, vrijwel permanent in zijn mond heeft. Hij beweegt niet. De lucht klaart op. Het lijkt ineens bijna lente. Er fietsen kinderen voorbij, lachend en pratend. Bij een huis, een eindje verderop, gaat aan de zijkant een deur open. Een vrouw met een schort om verschijnt op de binnenplaats, en begint een mat uit te kloppen. De agenten praten over ditjes en datjes. Irmgard Konopka doet het portier open en stapt uit. ‘Ik ga even een stukje wandelen,’ mompelt ze over haar schouder. Haastig klikt ze weg op haar hoge hakken. De agenten, overdonderd, aarzelen een ogenblik voor ze achter haar aan gaan en haar, voor ze bij Kranz kan instappen, insluiten en bij de arm nemen. Kranz maakt geen enkele beweging om tussenbeide te komen.
Uiteindelijk loopt het goed af. Als de centrale zich meldt, blijkt dat ze niets hebben over Sabine Mehling, en de NSU is niet geregistreerd als gestolen. De agenten verontschuldigen zich en vertrekken. De NSU blijft staan en ze rijden in Kranz' busje naar Frankfurt. Ze is zo bang geweest als nog nooit eerder in haar leven, en ze is nog een hele tijd niet in staat een samenhangend gesprek te voeren. Ze zit bevend en zwaar ademend naast de rossige monteur, en probeert, terwijl ze de ene sigaret na de andere rookt, haar zelfbeheersing terug te vinden.


vrijdag 26 mei 2023

305. Een politieke factor

[Wat voorafging]

De droom is een verwerking, beseft Konopka, van de penibele omstandigheden waarin ze verkeren. Op 19 en 20 november zullen de groepsleden uit Berlijn naar Frankfurt komen, en ze is er weliswaar in geslaagd op diverse plekken in de bondslanden groepen medestanders te mobiliseren en veilige huizen te organiseren, maar juist op de plaats waar de groepsleden zullen samenkomen, in Frankfurt, is niets geregeld, een tekortkoming die Karsten Raabe, een dag tevoren in Rühle neergestreken, haar in woedende bewoordingen onder ogen heeft gebracht.
En dan is er ook nog de belachelijke gotspe met Schneider, die, na het echec bij Dethlingen, ditmaal op de proppen is gekomen met een vage groep subversieven in het Rijnland die de Roodfrontgroep niet alleen alle wapens kunnen leveren waaraan ze behoefte hebben, maar die hen ook willen meeslepen in wilde plannen voor een aanslag op Willy Brandt.
Irmgard Konopka heeft gedaan wat onder de omstandigheden het enig juiste was, ze heeft Schneiders voorstellen keihard van de hand gewezen. Maar daarmee is de zaak niet afgedaan. Want Schneiders voorstel roept natuurlijk een zwerm vragen op die in aanwezigheid van Kranz en Raabe niet gesteld konden worden. Vragen over de politieke identiteit van de mensen die Schneider dit krankzinnige voorstel hebben gedaan. Waar zitten ze? Hoe kent hij ze? Heeft het te maken met zijn drugzaken? Weten Eva en Hans hier vanaf?
Bovendien, hoe je het ook wendt of keert, de behoefte binnen de beweging aan wapens is, zoals Raabe niet heeft verzuimd te benadrukken, maar al te reëel. Konopka zelf heeft een vuurwapen. Hans, Eva. En de groep Lösch heeft de hand weten te leggen op een paar Spaanse Llama-pistolen, maar die zijn voor zover ze weet geconfisqueerd bij Lösch’ arrestatie. Verder zijn er twee of drie luchtbuksen, maar dat is het wel zo’n beetje. De bewapening is een serieus probleem. Ze heeft de kwestie niet voor niets bij Roland Krämer, haar Oost-Duitse contactpersoon, ter sprake gebracht. Krämer beloofde haar een contact met PLO-vertegenwoordigers die konden helpen. Ook in Frankfurt. Morgenavond, in een café Am Westend. Hoe ze het moet klaarspelen daar te  verschijnen bij alle problemen rond de aankomst van de Berlijners kan ze zich maar nauwelijks voorstellen.
Konopka keert zich om en om in het grote tweepersoonsbed waarin ze tegenwoordig godzijdank alleen ligt, en schudt verwoed haar hoofdkussen op, maar ze blijft uren wakker voor ze uiteindelijk tegen de ochtend in slaap valt.
Als ze wakker wordt, maakt Raabe al aanstalten om naar Frankfurt te vertrekken, waar hij de eerste Berlijners zal opvangen, en zal proberen haar falen zo goed en kwaad als het gaat te verhelpen. Tegen elf uur is ook Irmgard Konopka zelf klaar om te vertrekken. Het plan is dat ze met Kranz naar het nabijgelegen Colmbach zal rijden, om daar de NSU op te pikken die ze een week geleden op een parkeerplaats hebben achtergelaten, om vervolgens met twee auto’s naar Frankfurt te rijden.
Schneider moet in Rühle blijven.
Van Schneider nemen ze afscheid.


donderdag 25 mei 2023

304. Een politieke factor

[Wat voorafging]

Zijn de radicalen geen politieke factor? En weten we precies wat daar omgaat?
Brandt vergist zich. In wat er bij de Roodfrontbeweging omgaat hebben de autoriteiten nauwelijks inzicht. En een politieke factor is de beweging, ondanks al haar amateurisme, en hoewel ze zich in de diepste impasse bevindt sinds haar ontstaan, wel degelijk. Zelfs het scherpste politieke vernuft kan zich niet voorstellen hoe belangrijk, hoe verstikkend die politieke factor in de komende jaren zal worden.
Als Brandt in Warschau is, hebben de groepsleden zich van hun oorspronkelijke basis in Berlijn verplaatst naar Frankfurt, om precies te zijn naar een flat in het stadsdeel Sachsenhausen, waar ze wanhopige, en naar het zich laat aanzien vergeefse pogingen doen om door strategische discussie hun actiedoelen te verhelderen en een weg uit te stippelen om die doelen te bereiken.
Hoe zijn ze in deze flat terecht gekomen? Laten we de gebeurtenissen even volgen vanaf 18 november, toen Konopka, Raabe, Kranz en Schneider voor het laatst in het huisje in Rühle sliepen. Irmgard Konopka wordt die nacht wakker uit een worsteldroom. Ze heeft zulke dromen vaker, maar dit keer is de keten van worstelingen die ze doorstaat onafzienbaar en uitzichtloos. Ze vecht grimmig en vastberaden, tot ze zich realiseert dat ze zich onder water bevindt. De paniek slaat toe en ze wordt wakker. Ze heeft overvloedig gezweet. De lakens zijn kletsnat. Spartelend en zuchtend beseft ze eerst niet waar ze is. Maar al snel dringt de werkelijkheid tot haar door. Rühle. Het grote bed in de slaapkamer. In de huiskamer ligt Raabe op een veldbed. Schneider en Uwe Kranz slapen op zolder. Ze probeert op haar horloge te kijken. Vier uur? Nee, nog niet half twee. De droombeelden spoken nog door haar hoofd. Ze beginnen al te verleppen, maar de betekenis is overduidelijk.



414. Epiloog

  [ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...