‘Herr Fischler is heel boos,’ zegt Gerda Pfau timide.
‘Ja, dat haal je de koekoek,’ zegt Hahn. Hij kijkt de kring rond en zegt op plechtige toon: ‘Dit is de ommekeer. Nu komen eindelijk de kaarten op tafel.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Het is nu toch wel duidelijk,’ oreert Hahn. ‘We zijn een mantelorganisatie.’
Daar hebben ze niet van terug.
‘Een mantelorganisatie?’
Hahn laat zijn stem dalen. ‘Herr Adalbert Fischler is gewoon een stroman,’ zegt hij. ‘En wij, wij maken alleen maar deel uit van het decor.’
Maar dat gaat Gutschein allemaal veel te ver. ‘Hoe bedoel je dat?’ zegt hij sceptisch.
‘Dit bureau, zegt Hahn. ‘Dit is allemaal alleen maar een dekmantel.’
‘Wat voor dekmantel?’ zei Drechsler.
‘Dat weten we niet,’ zegt Hahn uitdagend. ‘Maar daar komen we nog wel achter. Dit bureau is opgetuigd als een coördinatiepunt voor politiek gemotiveerde gewelddaden, nietwaar. Als een soort documentatiecentrum. Maar denk je dat ze zich daarmee tevreden stellen? Vergeet het maar. Uiteindelijk gaat het hard tegen hard, he. Die terroristen, die Staüberle, die Richter, die Konopka, die moeten worden opgezocht. En uitgeroeid.’
‘Denk je echt,’ zegt Weiss ontsteld.
‘Dit is een democratie, hoor,’ zegt Gutschein.
‘Een democratie,’ zegt Hahn verachtelijk. ‘Dat is toch alleen maar de buitenkant. Dat is fineer, man, dat is een laagje fineer. Daaronder, daaronder is het zuiver beton. Daar zit de echte macht, en dacht jij dat die dat toestaan, dat een stelletje idioten zonodig de wereld wil verbeteren?’
‘Jij denkt dat Brandt…’ begon Gutschein.
‘Brandt?’ zegt Hahn. ‘Ben je nou helemaal gek.’ Hij blaast een rookkringetje en kijkt tevreden hoe dat wegdrijft en zich opvouwt en oplost. ‘Dat is toch gewoon een clown,’ zegt hij. ‘Iemand die ze daar neer hebben gezet om de schijn op te houden. Fineer, net als wij. Nee, het is allemaal veel groter. Veel groter dan wij ons kunnen voorstellen. We leven in een circus, dat is het woord. Een circus, dat hebben jullie toch ook wel gemerkt. En het kan best zijn dat veel van de halvezolen die wij in de gaten moeten houden er bewust of onbewust zelf ook deel van uitmaken.’
‘Ik snap niet wat je bedoelt hoor,’ zegt Drechsler ontevreden.
‘De grote bedrijven,’ zegt Hahn met een alomvattend gebaar. ‘De multinationals. De olie-industrie. De staalindustrie. De auto-industrie niet te vergeten. De bouw. Zo is het met Hitler toch ook gegaan? Dat trekt aan de touwtjes. Dat bepaalt uiteindelijk hoe de politieke poppetjes dansen.’
‘Het militair-industriële complex!’ zegt Weiss gewichtig.
‘Nou, ik geloof daar allemaal niets van hoor,’ zegt Gerda Pfau.
‘Maar lieverd,’ zegt Hahn, ‘de feiten spreken voor zich.’
‘Maar Herr Gerhard,’ zegt Gerda Pfau, ‘dat is zo’n aardige rustige man.’
‘Ha,’ zegt Hahn. ‘Een aardige man, een rustige man.’
‘Maar…’
‘Het is een vuilak, weet je dat.’
‘In de politiek moeten ze ook niet veel van hem hebben,’ zegt Drechsler, die een actief lid is van de SPD.
‘Nogal wiedes,’ zegt Hahn veelbetekenend. ‘Die heeft een geschiedenis!’ Hij wisselt een veelbetekenende blik met Weiss maar hij gaat er niet over door en drukt zijn sigaret uit.
Er valt even een stilte.
‘Hoe dan ook, nu is het spel op de wagen,’ zegt Hahn. ‘Nu is Herr Gerhard in stelling gebracht. Nu zijn de poppen aan het dansen.’
‘En wij?’ zegt Weiss.
Hahn haalt zijn schouders op.
‘Wij mogen met de armen over elkaar zitten,’ zegt hij. ‘En toekijken.’
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
414. Epiloog
[ Wat voorafging] Het is rond deze tijd dat Norbert Gutschein, als hij op zijn gewone tijd op het kantoor verschijnt, in de gang Gerda Pfa...
-
[Wat voorafging] De map met stukken over de arrestaties in Zehlendorf ligt helemaal onder op de stapel. Uit de dagtekening blijkt dat hij al...
-
[Wat voorafging] Tien, twintig jaar christendemocratie. Boot-Jürgens’ wandelstok tikt, terwijl hij terug naar huis loopt, woedend zijn stap...
-
[Wat voorafging] Ze drinken koffie aan de Rathausufer, bij de Oude Haven. Onder jagende wolken waaruit zo nu en dan een spatje regen valt. D...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten